Met een beetje vertraging toch nog even een verslagje van vorige week!
Vrijdag
Lexa heeft in november een volleybaltoernooi met school. Leuk, zul je zeggen, maar helemaal als je hoort dat dat toernooi (het fameuze SEASAC) helemaal in Bangkok is! Dat is nogal een onderneming natuurlijk, dus is er op school een informatiebijeenkomst(je) waar een handjevol ouders op af komen. De boodschap is vooral dat het een once in a lifetime experience is wat je gewoonweg niet zult willen missen. Snap ik. Ik vind het ook wel amusant hoe groot het contrast is met de informatie die je krijgt over de ‘Explore Malaysia Trips’ (EMTs) waar ze met de hele grade met de bus een paar dagen naar een andere plek in Maleisië op kamp gaan. Daar wordt helemaal uitgelegd met hoeveel je op een kamer ligt, of je dat zelf mag kiezen, of er airco is, of de wc’s op de kamers zijn, hoeveel eten je mag meenemen, zijn crocs oke of liever andere schoenen, enz. enz. Maar hier? Het is leuk, het kost (meer) geld, je krijgt een uniek T-shirt van het event en er zal een livestream zijn zodat je het zelf thuis kunt volgen.
Aan het eind van de bijeenkomst is Lexa’s volleybaltraining zo ongeveer afgelopen dus loop ik daar even langs om haar op te halen. Ik voorspel vast dat Lexa het super gênant gaat vinden dat ik de zaal in kom en jawel, de eerste serve zodra ik binnenkom gaat mis OMDAT ik binnenkwam. Maar goed, Mr. Budworth, de coach komt nog even vragen of ik haar geleerd heb om na elke goeie of slechte bal even radslag te doen, want Lexa is bij de volleybal blijkbaar een chronisch blij ei. Ze krijgen hun nieuwe volleybalshirts ook nog uitgereikt en Lexa is in haar nopjes omdat het gelukt is haar lievelingsnummer er op te krijgen: 2! Uiteindelijk wil Lexa liever nog even blijven ballen en loop ik alleen naar huis (awkward!!!! om met je moeder naar huis te lopen).

Zaterdag
De volgende ochtend gaan Cas en Olle al vroeg uit de veren voor de Kuala Lumpur Highland Games: een groot evenement bij Bukit Kiara waar Olle een aantal rugby wedstrijden zal spelen (als 1 van de 75 teams). Het is een hele lange warme dag, dus Lexa en ik zullen later aanhaken. Ik vermaak me eerst nog even met wat klusjes en reisplannerij (voorpret voor als Opa, Oma en Omi in oktober onze kant op zullen komen), en maak dan uiteindelijk Lexa wakker om even naar de gym te gaan voor onze wekelijkse treadmill sessie. Die weet me dan te vertellen dat dat vandaag niet gaat gebeuren dus ga ik zelf dapper in mijn eentje naar de gym om even een half uurtje in de airco te lopen (ik durf nog niet te rennen met allemaal andere mensen er bij in de gym).
Na deze workout en een late lunch rijden Lexa en ik met de auto naar het rugbyfestijn en zien Olle nog in een wedstrijdje van 12 minuten een paar keer mooi in actie komen. Hij krijgt het wel flink te verduren dus gaat ‘weer’ (?!) even langs de EHBO post voor wat ijs op zijn pink waar hij wat noppen op heeft gehad (eerder al op zijn dij en op zijn wang, lekkere sport hoor). De bedoeling is dat ze nog een soort troostfinale zullen spelen, maar er zijn wat onweerflitsen dus iedereen wordt verzocht te gaan schuilen en niet op het open veld te blijven staan. Als duidelijk is dat er niet meer gespeeld gaat worden gaan we ook weer naar huis.






Olle is flink moe, dus we gaan vanavond niet uit, maar doen een potje koehandel met een borrelplankje afgetopt met wat shoarma en een soort kapsalon die we nog bestellen.

Zondag
Vandaag staan we ook weer op tijd op maar niet zo vroeg als verschillende blogs zeggen dat we moeten zijn, want hee, het is wel weekend he! Om een uur of kwart voor negen rijden we dan via de Batu Caves richting de Sungai Pisang waterval.


Daar eenmaal aangekomen hadden we verwacht heel veel geparkeerde auto’s te zien (wat de reden was dat aanbevolen wordt heel vroeg te komen) maar nee.. het enige dat we zien is een mooi afzetlint met verboden toegang er op en een bordje met de mededeling dat het tijdelijk gesloten is. Cas keert de auto even in een soort steengroeve nét een beetje te lomp, maar hij wilde gewoon graag even het off road gevoel hebben. Boys will be boys?
Als we een stukje terug bij een drankjes stalletje vragen naar de waterval lijken ze er niet van op de hoogte te zijn dat ie gesloten is maar blijkt wel dat we een permit nodig hebben. Die kunnen we niet ter plekke nog even regelen maar moet je blijkbaar 48 uur van te voren doen (al is me nog steeds niet duidelijk waar je dat dan zou kunnen regelen).
Tja.. daar zit je dan: met allemaal flessen water, volledige ingeDEET, wandelgear aan, maar geen wandelplek. Met hulp van Google Maps zoeken we even een alternatief (tot grote teleurstelling van de achterbank, vooral Olle heeft er ECHT geen zin in vandaag). Even later rijden we letterlijk langs een waterval(letje) die we vanuit de auto even op de kiek zetten, maar veel is hier niet te beleven dus rijden we nog even door op dit kronkelweggetje waar ook een heuse Lorong Basikal (fietspad) te vinden is. Helaas maar aan 1 kant van de weg en ook niet bepaald breed.



Er zouden hier in de buurt ook zwembare ‘jungle pools’ moeten zijn, en die gaan we nu zoeken. Het is een wat obscure (en hele smalle) route langs huisjes waar allemaal kippen scharrelen maar uiteindelijk vinden we een (volle) parkeerplaats en zetten onze wagen dan maar lomp in de speeltuin waar wel plek is en lopen dan met onze wandelgear richting de jungle pools.


In het bos verscholen zit een verrassend gezellig open lucht foodcourtje waar je wat kunt drinken of eten uit bakken kunt scheppen maar we gaan eerst kijken of we nog ergens een dipje kunnen doen. Uiteindelijk belanden we bij de ‘herb sauna agro campsite’ waar Cas er net even te lang over doet om te ontdekken of we via deze campsite naar die jungle pools moeten dat de meneer van de camping de eerder genoemde prijs bestempelt tot prijs voor lokalen en ons een wat hogere prijs vraagt voor niet lokalen. Nou ja, ach. Het is nog steeds geen hoofdprijs, dus soit!
Hij begeleidt ons naar een grote boom achterop het terrein waar we twee moeders met hun vier dochters al lekker zien poedelen. De moeders zitten lekker op een campingstoeltje in het water te beppen en de meiden springen om en om van een hoge rots af. OK, toch wel een leuk plekje. We trekken onze kleren uit (onze zwemkleren hadden we er onder al aan), en onze zwemshirtjes aan en gaan dan blootvoets het water in want de waterschoenen hadden we nou net niet meegenomen.
Lexa en Caspar willen ook wel van de rots afspringen en doen dat vol enthousiasme. Zooooo enthousiast, dat mevrouw vergeet dat ze een bril op heeft die natuurlijk afgevlogen is in de woeste sprong. Eh…. waar is die bril nu? De Maleise meisje helpen mee onderwater zoeken, maar zonder zwembril is en met al dat geroer in het water, is er eigenlijk niets te zien, ook al doet Cas een aantal dappere pogingen. We proberen ook nog met onze voeten de bodem af te tasten want heel veer kan ie niet gegaan zijn, maar helaas. Niet te vinden! Uiteindelijk als de meisjes het water uit zijn en we het water even laten rusten wordt het wat helderder en ja wel, daar spot Cas ineens toch nog Lexa’s bril!! Hij haalt ‘m uit het water en wordt enthousiast toegejuicht vanaf de kant door de Maleise dames die zelfs triomfantelijk hun armpjes in de lucht steken!
Olle en ik klimmen en klauteren ook nog even op de rots en om ook van de rots springen (VRESELIJK) – met mijn brilletje stevig in mijn knuistje – en dan zijn we ook al wel weer even uitgepoedeld. We besluiten ons bij de auto om te kleden, maar de meneer van de camping begeleid ons naar de camping douches waar we ons makkelijk kunnen omkleden.




Dan drinken we nog even op het gezellige terrasje met lampjes een Ais Limau (zonder suiker, wat toch een beetje gek smaakt) en snacken er wat versgebakken Pisang Goreng bij. Jammie. Verder zien we niet echt aantrekkelijke lunchopties (de schepbakken zijn we nooit zo’n fan van) dus besluiten we ergens op de weg terug te gaan eten.



We belanden in een mall die we nog niet kenden (dat zijn er nog genoeg, zoveel Malls zijn er hier!): de KL East Mall . Hier vinden we weer met hulp van Google map een Balinees restaurant met een leuke naam (Ole-Ole) en westerse opties wat de kinderen wel kunnen waarderen. De porties zijn flink groot en het smaakt allemaal prima: Soto ayam en Kopi alpukat, een toch wat tegenvallende niet verse mango milkshake smoothie, een flink bord Nasi Campur met verrassend lekkere gebarbecuede inktvis, en de kinderen een burger en een broodje veggies (helaas met paddestoelen voor Lexa). We doen flink ons best en met volle buikjes lopen Lexa en ik nog even snel langs de Jaya voor wat appels en mandarijnen. Tergend voor mij natuurlijk, niet even mogen rondneuzen in een onbekende supermarkt! Maar goed, de mannen zitten alweer in de auto op ons te wachten, dus: hop hop!


Op de terugweg droppen we Olle, die al de hele dag met flinke spierpijn achter ons aan strompelt, nog even bij Valentijn voor een beetje chill-tijd met zijn mattie. We doen nog wat telefonische bijkletssessies met het thuisfront en dan zit het weekend er weer op!
Vaker rugby-en Olle, dan ebt de spierpijn vanzelf weg. Fantastich woese sport dat rugby-en.
Uitgebreid verslag…toch fijn die auto! Zo zie en beleef je nog eens wat!
KLeine avontuurtjes mét en zonder bril.